Terminaal zieke Amir bij ouders weggehaald

Op 18 september kwam het eerste nieuws binnen over Amir, een jongetje van 10 dat terminaal ziek is. Amir heeft de ongeneeslijke stofwisselingsziekte Fucosidose en is verstandelijk gehandicapt. Hij is door de Raad voor de Kinderbescherming weggehaald bij zijn ouders nadat bekend werd dat hij niet lang meer te leven had.

Uithuisplaatsing

In het Dagblad van het Noorden komt de volgende informatie naar buiten:

De jongen en zijn familie verblijven al jaren in het asielzoekerscentrum in Emmen. ,,Hij is vorige week zonder waarschuwing vooraf bij de ouders weggehaald”, zegt de advocaat. ,,Dat zou in het belang van het kind zijn. Maar dat is beslist niet zo. Zijn ouders zorgen, met hulp van thuiszorg, al heel lang voor hem. Juist nu hij uitbehandeld is, is het belangrijk dat hij in de vertrouwde omgeving is, bij zijn familie.”

De ouders weten in eerste instantie niet waar hij verblijft en mogen dat ook niet weten. De reden voor de uithuisplaatsing is onduidelijk, maar wat er over bekend is geeft reden tot boosheid:

Advocaat Breeveld zegt dat de huisarts van de familie Veilig Thuis heeft ingeschakeld. ,,Ik denk dat er sprake is van een misverstand, een samenloop van omstandigheden. De ouders deden vaak een beroep op de huisarts. Te vaak vond deze arts. De ouders wilden een andere huisarts zoeken. Dat ging moeilijker dan verwacht. Ondertussen was Veilig Thuis ingeschakeld. Die hebben de kinderbescherming gevraagd om een spoeduithuisplaatsing. Dat is na een summier onderzoek toegewezen.”

De argumenten zijn onder meer dat de huisvesting niet geschikt is om de jongen te verzorgen en dat de ouders overbelast zijn. ,,De instelling waar hij naar toe is gebracht, heeft misschien modernere hulpmiddelen. Maar een verpleeghuis kan niet bieden wat de ouders kunnen bieden: warmte en herkenning”, zegt de advocaat.

,,De ouders weten heel goed hoe ze hun zoon moeten verzorgen. Dat doen ze al jaren. De vader masseert hem en staat ‘s nachts op om hem vast te houden als hij het benauwd heeft.”

Slaappillen

Op 20 september komt naar buiten dat de instelling waar Amir verblijft hem slaappillen geeft en hem niet de zorg en warmte kan geven die hij nodig heeft. Amir is naar een instelling in Bedum, Friesland gebracht. ’s Nachts geven ze hem geen zorg, terwijl zijn vader dat wel deed. In de instelling geven ze hem slaappillen zodat hij doorslaapt.

In een zitting heeft de directeur van de Raad voor de Kinderbescherming gezegd dat het altijd hun doel is om kinderen bij hun ouders te laten. Waarom er dan nu is besloten Amir – nadat hij 10 jaar lang goed door zijn ouders is verzorgd – toch uit huis te plaatsen op het moment dat de situatie uitzichtloos wordt is volkomen onduidelijk. Meer informatie over de zitting en een video is te zien op de pagina van het Dagblad van het Noorden.

Diezelfde dag komt het bericht naar buiten dat het vierjarige boertje en zeventienjarige zusje van Amir door 6 man politie uit de instelling in Bedum zijn weggehaald. Hun bezoekrecht was blijkbaar plotseling ingetrokken.

Naar het ziekenhuis

twee dagen later, 22 september, komt het bericht naar buiten dat Amir met spoed naar het UMCG is gebracht. Het gaat niet goed met Amir sinds hij in Bedum in de instelling zit. Hij is gewend aan knuffels en veel zorg, maar dat is niet mogelijk in de instelling vanwege het summiere budget van de zorg.

Bathoorn weet niet of de ouders van Amir nu bij hem zijn. ‘Ik hoop niet dat ze politiebewaking voor de deur in het ziekenhuis zetten. Amir heeft het niveau van een kindje van zes maanden.

Hoop op terugkeer

Op 6 oktober komt het hoopvolle bericht naar buiten dat de ouders van Amir weg zijn uit de Gezinslocatie Emmen en nu een eigen huis hebben. Ze zijn hard aan het klussen om het huis geschikt te maken voor Amirs terugkeer. De arts heeft gezegd dat zodra het huis klaar is, Amir naar zijn ouders kan. Het is nu aan de RvdK om dit toe te laten en naar de wijsheid van de arts te luisteren.